Haïti

Ook na de val van de dictatuur is er voor de eerste onafhankelijke zwarte staat ter wereld nog geen verbetering in de economische toestand in zicht. Binnen twee dagen nadat begin 1991 de progressieve priester Roger Lafontant was gekozen tot president van Haïti, probeerde een groep militairen, aanhangers van de verdreven dictator Du-valier, reeds hem ten val te brengen. De poging mislukte, maar is ook symptomatisch voor de macht die de familie Duvalier nog altijd in het land heeft. De dictator Francois Duvalier, bijgenaamd Papa Doe (hij was arts) was van 1957 tol 1971 heer en meester over Haïti, de armste staat van Amerika. Zijn macht berustte niet alleen op grootgrondbezit, maar ook op de voodoo, een Afrikaanse eredienst, gebaseerd op tovenarij en fetisjisme, en vooral op zijn genadeloos opererende knokploeg, de beruchte Tontons Macoutes. Na het overlijden van Papa Doe in 1971 nam zijn toen 19-jarige zoon Jean-Claude, bijgenaamd Baby Doc, de nmacht over. Aan zijn al even tirannieke heerschappij werd in 1986 een einde gemaakt; Baby Doc vluchtte naar Frankrijk. Zijn opvolger, luitenant-generaal Henri Namphy, beloofde hel land uit de economische ellende te verheffen. Toen dit loze woorden bleken, werd hij in 1988 op zijn beurt door militairen ten val gebracht. De nieuwe machthebber, generaal Avril, moest onder Amerikaanse druk in 1991 verkiezingen uitschrijven. Toen bleek eens te meer dat de vroegere dictator nog altijd zijn handlangers heeft.

Haïti vormt het westelijk deel van het Antilliaanse eiland Hispaniola, dat in 1492 door Columbus werd ontdekt tijdens zijn eerste ontdekkingsreis. Het oosten vormt de Dominicaanse Republiek. In 1697 hebben de Fransen het westelijk deel van het eiland in bezit genomen. De Franse Revolutie van 1789 kreeg ook de West-indische kolonie in haar ban. Twee jaar later kwamen de 500.000 slaven in opstand. Hun vrijheidsstrijd eindigde in 1804 met de erkenning van de onafhankelijkheid van Haïti. Nadat een zwarte keizer er slechts twee jaar had geregeerd, werd er in 1806 de eerste negerrepubliek ter wereld uitgeroepen. Tussen 1843 en 1915 heeft Haïti 22 dictators gekend. In laatstgenoemd jaar hebben Amerikaanse mariniers het land bezet om het te stabiliseren; in 1934 zijn ze weer vertrokken.

Het aanbod van goedkope arbeidskrachten heeft buitenlandse investeerders aangetrokken, voornamelijk uit de Verenigde Staten. Hun ondernemingen produceren exportgoederen van geïmporteerde grondstoffen en halffabrikaten, onder meer textiel, elektrische apparatuur en sportartikelen; deze bedrijven zijn van levensbelang voor het land.


< Terug