Bahamas
eilanden. Daarom hebben de mensen er lange tijd uitsluitend van de zeevisserij en de landbouw geleefd. De enige produkten die de moeite waard waren om te verkopen, waren de sponzen uit de talloze koraalriffen. Sinds 1950 echter heeft zich in het economische leven van de eilanden een duidelijke ommezwaai voltrokken. Met hulp van buitenlandse kapitaalverschaffers, voornamelijk uit de Verenigde Staten en Canada, is de toeristische ontwikkeling van het gebied grootscheeps aangepakt. De voorwaarden daarvoor zijn welhaast ideaal: een klimaat dat het hele jaar door warm en droog is, witte zandstranden, zeewater dat door de warme golfstroom wordt verwarmd, en de welvarende Verenigde Stalen voor de deur. Aldus is het toerisme de belangrijkste pijler geworden waarop de economie rust. 60% van de bevolking vindt werk in deze sector. Meer dan 2 miljoen vakantiegangers, vooral uit de Verenigde Staten, bezoeken jaarlijks de Bahamas. Een van de opmerkelijkste projecten van de laatste jaren was de ontsluiting van hel gebied Freeport/Lucaya, vlakbij de westpunt van Grand Bahama. Tot 1950 strekte zich hier een woestenij uit, die grotendeels begroeid was met pijnbomen. Toen kwam een grote Amerikaanse financier met de regering overeen, dit gebied deels te ontwikkelen tot een ideaal toeristenoord, en het voor het overige te bestemmen als haven- en industriegebied. Zo is het grootste vakantiecomplex van heel West-lndië van de grond gekomen met luxueuze hotels, casinos, bungalows, strandbaden en een fantastische internationale bazaar met winkels en restaurants uit de hele wereld. Niet ver daarvandaan ligt de belangrijke zeehaven, met eromheen een grote olieraffinaderij, farmaceutische industrie, een cementfabriek en enkele andere industriële ondernemingen. Particulieren en bedrijven hoeven op de Bahamas geen belasting te betalen. Voor deze verleiding zijn veel buitenlandse ondernemingen gezwicht: meer dan 360 banken en trusts hebben een vestiging op een van de eilanden. De economische activiteiten spelen zich voornamelijk af op New Providence en Grand Bahama. Op de meeste andere eilanden is ook de laatste jaren vrijwel niets veranderd. Op Spanish Wells bijvoorbeeld zijn de blanke bewoners nakomelingen van de eerste puriteinse kolonisten, die hun leefwijze door de eeuwen heen hebben gehandhaafd. De Bahamas hebben een sprookjesachtig natuurschoon te bieden: lieflijke baaien, geheimzinnige blauwe grotten en met de zee verbonden diepe gangen in de koraalrotsen. Indrukwekkend is vooral het Barrièrerif, voor de oostkust van Andros. Het is 200 km lang, en valt te vergelijken met het Great Barrier Reef in Australië, dat het grootste ter wereld is.
< Terug