Burma

Een boeddhistisch land in Zuidoost-Azië, dat zich sinds 1962 van de buitenwereld afsluit om zijn eigen weg te volgen naar het Burmaans socialisme. Burma (officiële naam: Myanmar) is met een oppervlakte van 676.000 km3 na Indonesië het grootste land van Zuidoost-Azië. In het hart van dit land ligt de laagvlakte van de Irrawad-dy, het land van herkomst van de Burmanen, die 70% van de bevolking uitmaken. Kleinere stammen leven in de bergen aan de voet van de bergketen die het land in het noorden, westen en oosten als een hoefijzer omsluit. De lrrawaddy komt uit het noordelijke randgebergte, waarvan de toppen boven de 5000 m uitsteken. Door diepe kloven stroomt deze rivier naar het zuiden, komt bij Mandalay in de laagvlakte en mondt na een tocht van ruim 2000 km ten oosten van de hoofdstad Rangoon uit in de Andamanse Zee, een deel van de Indische Oceaan. De reusachtige delta schuift steeds verder op in zee en vormt een ideaal drassig land voor de rijstcultuur. Tot 1964 was Burma de grootste exporteur van rijst, maar ook nu nog is dit gewas goed voor 40% van de inkomsten uit de export. In het binnenland, rond Mandalay, regent het minder dan op de berghellingen en aan de kust. Hier beginnen de droge savannen, en wisselen ka-loen-, sesam- en bonenvelden af met kunstmatig bevloeide rijstvelden. In de centrale laagvlakte liggen ook de aardolievelden die Burma ooit tot de op één na grootste olieproducent van het Britse Gemenebest maakten. De olievoorraad is nog groot genoeg voor het vrij bescheiden binnenlands gebruik. Ongeveer de helft van het land is bedekt met bos. De laag gelegen delen van de regenrijke bergen zijn nog overwoekerd met tropische regenwouden. Daarboven strekt zich een dicht oerwoud uit van bamboebossen. In de moessonwouden in het noorden wint men teakhout. dat van belang is voor de export. Ook zijn er rubber- en oliepalmplantages. Het dicht beboste Arakangebergte scheidt het centrale laagland van de dun bevolkte kust aan de Golf van Bengalen. In het oosten bereiken de bergketens tussen Burma en Thailand hoogten van 3000 m en meer. Ze omsluiten ook de dorre Shan-hoogvlakte, die tot op heden een ontoegankelijk, nauwelijks ontsloten gebied is. In de afgelegen Gouden Driehoek, het grensgebied tussen Burma, Laos en Thailand, worden illegaal grote hoeveelheden opium verbouwd en het land uit gesmokkeld. In de 8e eeuw vestigden zich ten gevolge van de Grote Volksverhuizing Centraal-aziatische stammen in het laagland van de lrrawaddy. Daar koos koning Anoratha in de 11e eeuw de plaats Pagan als zijn hoofdstad. Onder zijn dynastie is het boeddhisme in Burma gekomen en werd dit land door veroveringen aanzienlijk uitgebreid. Rond 1800. onder de Kon-baung-dynastie, stonden zelfs Assam in het westen en Thailand in het oosten onder de invloed van Burma. Dit duurde tot Britse koloniale troepen Burma binnenvielen. Zij stuitten weliswaar op verbeten tegenstand, maar in 1885 konden de Britten het land toch definitief annexeren. Burma werd als provincie onder het gezag van de onderkoning van Brits-Indië geplaatst. Pas in 1937 kreeg het de status van Kroonkolonie. Tijdens de Japanse bezetting van 1942-1945 is er een sterke bevrijdingsbeweging gegroeid, onder leiding van generaal Aung San. In 1948 kon de onafhankelijke republiek Burma worden uilgeroepen. De eenheid van hel land dreigde in de daarop volgende tijd uiteen te vallen door gewapende overvallen van communistische rebellen en opstanden van etnische minderheden. In 1962 greep generaal Ne Win via een coup de macht. Hij vormde een revolutionaire raad en koos voor een socialisme van nalionalistisch-Burmaanse signatuur. Ten opzichte van hel buitenland raakte Burma daardoor in een geïsoleerde positie. Privé-kapitaal werd afgeschaft; Indiërs, Chinezen en Pakistanen werden uit hun leidinggevende posities in handel en bedrijfsleven gezet. Het eigen Burmaanse ontwikkelingsmodel heeft tot op heden nauwelijks aan de verwachtingen voldaan. De algemene toestand van de bevolking is erop achteruit gegaan, omdat de meeste boeren geen goederen voor de binnenlandse markt meer produceerden. Zij konden voor hun produkten geen redelijke prijs meer bedingen, en gingen nog slechts genoeg produceren om in hun eigen behoeften te voorzien. Zo leidden de strenge economische regels tot een gebrek aan goederen, terwijl het land toch zo rijk is aan natuurlijke rijkdommen als teakbossen. aardolie, de meest uiteenlopende ertsen en edelstenen. Als gevolg daarvan bloeide de zwarte handel en laaiden overal onlusten
op. Het kwam tot bloedige botsingen, waarna de regering economische hervormingen aankondigde en in 1977 de afschaffing van het privé-kapitaal weer ongedaan maakte.
In 1981 volgde generaal U San Yu zijn voorganger Ne Win op. Hij voerde een voorzichtige liberalisering in, die ook een behoedzame opening naar buiten inhield. Zelfs rechtstreekse buitenlandse investeringen zijn sindsdien welkom in Burma. Daarmee waren de sociale problemen nog niet opgelost. In 1988 heeft het leger na felle onlusten en een bloedige staatsgreep de macht aan zich getrokken. In Burma leven ongeveer 50 verschillende bevolkingsgroepen. In het zuiden voert het Nationale Bevrijdingsleger van de Karen al 30 jaar een guerrilla-oorlog. Met zijn omvang van 10.000 man beheerst het een strook van 650 km langs de grens met Thailand. In het noorden en oosten vecht een communistische verzetsbeweging met 12.000 man in de gebieden van de Shans en de Chins en beheerst een gebied van ongeveer 15.000 km² langs de Chinese grens. Daar verzetten zich plaatselijke machthebbers tegen de centrale regering, overigens vooral om ongestoord hun handel in opium te kunnen voortzetten. Een derde van de geïnde belastinggelden moet worden besteed aan hel leger en aan de aflossing van rente op oude schulden. Zo blijft er maar weinig financiële ruimte over voor de ontwikkeling van hel land en een systematische opbouw van de economie. Enig soelaas kan mogelijk het in opkomst zijnde toerisme bieden.

< Terug