Dit van tijd tot tijd door catastrofale droogten geteisterde land is een van de oudste onafhankelijke staten van het Afrikaanse continent. Enige jaren geleden gingen schokkende beelden van een verschrikkelijke hongersnood de wereld rond. Het bergachtige gebied in het noorden van Ethiopie was door deze calamiteit getroffen. Een internationale hulpactie van ongekende omvang kwam op gang. Het allerergste kon hierdoor worden voorkomen. Toch verloren ongeveer 300.000 mensen het leven door deze ramp. Intussen is een aantal jaren verstreken en heerst er opnieuw droogte. Alleen in het zuiden van het land en aan de oostrand van het gebergte zorgt een zomerse regentijd vooreen regelmatige en rijke oogst. Dit gegeven heeft de regering ertoe bewogen grootscheepse verhuisprojecten te starten. Hel doel hiervan is de gebieden te ontvolken, die door de droogte worden geplaagd, en de ontwikkeling in de klimatologisch gunstige streken te bevorderen. Ethiopië vormt in menig opzicht een uitzondering onder de Afrikaanse stalen. Het land bestaat reeds meer dan 2000 jaar. In de tweede helft van de 19e eeuw was het sterk genoeg om de Italiaanse kolonisatie tegen te houden. Sinds 1890 hielden de Italianen de noordelijke kustprovincie Eritrea bezet. Pas in 1936 veroverde het Italiaanse leger de rest van het land. Mussolini riep toen Italiaans Oost-Afrika in het leven, als een keizerrijk onder de Italiaanse koning. Met een oppervlakte van 1,22 miljoen km² behoort Ethiopië tot de grootste landen van Afrika. Het Ethiopische Hoogland met zijn vaak meer dan 4000 m hoge bergtoppen beslaat het leeuwedeel van het land. In het westen hellen de bergen steil af naar Sudan, en in het noordoosten naar het laagland van Danakil en naar de Rode Zee. Dwars door het hoogland, van het zuidwesten naar het noordoosten, loopt de Ethiopische Slenk, de voortzetting van het Oostafrikaanse Slenkensysteem. Deze is gevuld met talrijke meren en moerasgebieden, en wordt door steile berghellingen omzoomd. De meeste Ethiopiërs leven in kleine nederzettingen van 10 tol 20 hutten in het hoogland, zonder enig modern comfort als elektriciteit of leidingwater. Niet zelden ligt de dichtstbijzijnde winkel op een afstand van een dagtocht te voet. Een arts is vaak slechts met de grootste moeite te bereiken. Vooral in het dichtbevolkte noorden hebben veel gezinnen te lijden onder het gebrek aan grond voor hun landbouw. Hun kleine akkers, die vaak op de berghellingen terrasvormig zijn aangelegd, liggen veelvuldig zeer wijd verspreid. Op tal van plaatsen zijn de bossen gerooid om akkerland te winnen. Dit brengt wel mee dat de bodem van het bergachtige terrein geheel ten prooi valt aan erosie. Kale, verwoeste hellingen getuigen van de roofbouw die hier op de natuur wordt gepleegd. In het koele hoogland in het noorden wordt voornamelijk graan verbouwd, van een grasachtige soort, tef genaamd. In hoge regionen gedijt ook gerst, en in de beschutte, lagere, streken vooral maïs, gierst en tarwe. In het zuidwesten wordt intensieve bevloeiingsakkerbouw bedreven. Hel belangrijkste produkt daar is de enset, een Ethiopische bananesoort met een bijzonder veelzijdige bruikbaarheid. Behalve de vruchten levert deze plant waardevolle vezels, en uit de stam wordt zetmeel gewonnen, waar een soort brood van wordt gebakken. Het belangrijkste exportprodukt van Ethiopie is de koffie. Men vermoedt zelfs dat de Afrikaanse koffieplant oorspronkelijk uil Ethiopie kwam, namelijk uit de provincie Kaffa. Hier komen ook nu nog wilde koffiestruiken voor. De meeste van de kleine koffieplantages liggen in hel hoogland, vooral in de gebieden rond Kefa, Sidamo, Wollega en Illubabor. Bijzonder dun bevolkt zijn de woestijngebieden van Ogaden. Nomaden trekken met hun kamelen, runderen, schapen en geiten door de van hitte zinderende vlakten. Een aantal van hen brengt een deel van het jaar door in vaste verblijfplaatsen, waar zij gierst verbouwen. Blijven de regens uit, dan hebben zij voor niets gewerkt. Ethiopie behoort tot de tien armste landen ter wereld; in veel opzichten spant het zelfs de kroon op een trieste wijze.